
Twee wethouders vertrekken na aangenomen motie van wantrouwen
Actueel 1.671 keer gelezenVoorne aan Zee - Wat ondenkbaar leek, is op 29 januari tijdens de op een na laatste raadsvergadering voor de gemeenteraadverkiezingen toch gebeurd. Na ruim drie uur vergaderen en drie schorsingen werd een Motie van Wantrouwen tegen de wethouders van IBV en Partij Voorne aan Zee met 23 stemmen voor en 9 tegen aangenomen. Het betekent dat dat de wethouders Robert van der Kooi van IBV, en Daan van Orselen van Partij Voorne aan Zee twee maanden voor de verkiezingen moeten vertrekken.
De verhoudingen in het College waren al langer verstoord. Maar het in september onterecht betichten van wethouder Peter Schop van het lekken van informatie bleek uiteindelijk de druppel die de emmer deed overlopen. Het begon in september 2025 met een handhavingszaak van de gemeente Voorne aan Zee jegens de eigenaar van Olaertsduyn Meindert van Buuren. Deze dacht te hebben opgemerkt dat wethouder Peter Schop ongeoorloofd informatie deelde over bepaalde besluitvorming van het college in de collegevergadering van 16 september. In een mail aan burgemeester Arno Scheepers betichtte hij de wethouder van een stevige overschrijding schending van de integriteit van het bestuur en het lekken van informatie.
Burgemeester Arno Scheepers nam deze beschuldiging hoog op. In zijn functie van procesbewaker en hoeder van de gemeentelijke integriteit liet hij naar aanleiding van deze mail een onafhankelijk onderzoek uitvoeren door het Haagse Bureau Necker.
Wethouder Schop vrijgepleit
In het onderzoeksrapport is te lezen dat wethouder Schop geen integriteitsschending heeft begaan. Hij was bovendien niet aanwezig bij de betreffende collegevergadering. Meerdere fracties benadrukten dat het rapport hem volledig vrijpleit. Het rapport is echter kritisch over de manier waarop met de integriteitsmelding is omgegaan. Wilbert Borgonjen CDA Voorne aan Zee: “De inhoud is niet prettig, zelfs ontluisterend hoe mensen onderling met elkaar omgaan. De melding is op veel plekken besproken en gedeeld, tot en met de bestuurstafel van twee politieke partijen: IBV en Partij Voorne aan Zee. Dat is niet de manier waarop dat hoort”. Deze gang van zaken wijst volgens het rapport op een beperkt integriteitsbesef. Volgens Anneke Witte ONS Voorne is hier geen sprake van een integriteitsmelding, maar van ‘verregaand integritisme’, waarbij eigen belangen zwaarder lijken te wegen dan goed bestuur. “Met de constateringen in dit rapport wordt niet alleen deze casus zichtbaar, maar ook de verziekte cultuur waar de gehele raad en het college hinder van ondervinden.”
Zwaar besluit
Het wegsturen van de wethouders werd door de fractievoorzitters van VVD, ONS Voorne, GroenLinks/PvdA en CDA een zwaar besluit genoemd. Ze benadrukten dat het ontslag hen zeer aan het hart gaat en het hen niet om de persoon van de wethouders zelf gaat, maar om het patroon dat het vastlegt van het onverkwikkelijke klimaat dat er in hun partij heerst onder de leiding van hun besturen. Fractievoorzitter Bert van Ravenhorst: “We wilden geen Haagse toestanden in Voorne aan Zee, maar het lijkt er nu op dat in ze Den Haag geen Voorne aan Zeese toestanden willen. De grootste verliezer hier is de lokale democratie. We moeten er met zijn allen ervoor zorgen dat er in onze besturen meer openheid komt en dat we met elkaar een werkelijk gesprek gaan voeren.”
Wethouder Peter Schop verklaarde in een emotioneel betoog hoeveel pijn de beschuldiging hem had gedaan. “Hoe kun je lekken uit een collegevergadering waar je niet zelf bij geweest bent?”. Hij erkende dat hij zelf ook misschien wel eens te veel had weggekeken van problemen in het partijbestuur in de angst zijn baan kwijt te zullen raken.
Gebrek aan lerend vermogen
Het gebrek aan zelfreflectie en lerend vermogen woog volgens veel raadsleden zwaar bij het opzeggen van het vertrouwen. IBV voorman Rien Kap distantieerde zich van de conclusies van het integriteitsrapport en stelde dat het volgens hem geen juiste weergave is van wat er is gebeurd. Hij zei dat de kwestie intern had moeten blijven en sprak van “vuile was die buiten is gehangen”, waarbij hij suggereerde dat het debat ook trekken van verkiezingspolitiek had. Fractievoorzitter Noordermeer (Partij voor Voorne aan Zee) erkende wel dat de vertrouwelijkheid rond de integriteitsmelding is doorbroken, maar legde de verantwoordelijkheid vooral bij de melder en bij onduidelijkheden in het protocol. Hoewel hij zei dat de zaak met de kennis van nu anders had gemoeten, onderschreef hij de conclusies van het rapport niet volledig.
Met het vertrek van twee wethouders is de bestuurlijke rust in Voorne aan Zee voorlopig niet hersteld. De vraag hoe het gemeentebestuur het vertrouwen van inwoners kan terugwinnen, blijft nadrukkelijk op tafel liggen.
Tegen twaalf uur ’s nacht werd er gestart met de overige punten op de agenda en kon de geduldig gewacht hebbende voorzitter van tennis/padelvereniging Zwartewaal eindelijk de inspreekbeurt voor zijn club doen. De leden van de Partij Voorne aan Zee en IBV waren toen al vertrokken.
Wethouders Robert van der Kooi (Inwonersbelang Voorne aan Zee) en Daan van Orselen (Partij Voorne aan Zee) hebben hun werkzaamheden per direct neergelegd dat laat gemeente Voorne aan Zee vrijdag 30 januari weten. De overige collegeleden blijven in deze samenstelling bestuurlijk verantwoordelijk tot aan de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart 2026. De vrijgekomen portefeuilleonderdelen worden tijdelijk verdeeld binnen het college.















