Afbeelding
Dagboeknotities

De Eersteling

Algemeen 86 keer gelezen

Nog nooit vond er zoveel strijd om de Noordpoort van Brielle plaats als dit jaar. In 1572 bracht het minder mensen op de been dan nu. Toen sukkelden een groepje geuzen op hun gemak de poort door. Die stond uitnodigend op een kier en de Spanjaarden waren er al een poosje vandoor, dus er was geen gelegenheid voor een lekker ouderwets robbertje vechten. Dit dreigde een saai verhaal te worden voor onze geschiedschrijving. Daarom werd een en ander achteraf wat opgeblazen en aangedikt, zodat we onze nationale trots konden oppoetsen.

Wij hadden vroeger in de zesde klas een meester die er prachtig over kon vertellen. De strijd tegen de Spanjaarden begon niet in Brielle, maar jaren eerder in Heiligerlee. In 1572 gebeurde er niet zoveel in Brielle. Nou ja, de geuzen vermoordden een aantal monniken, niet zo fraai dus. En na 1 april deden de Spanjaarden nog een poging het stadje terug te veroveren, maar daar wist iemand een stokje voor te steken (iedereen die aan de Rochus Meeuwisweg woont, weet wie dat was en hoe hij het aanpakte). In Zutphen en Naarden, daar speelden zich later dat jaar wel vreselijke drama’s af: de bevolking werd bloedig werd afgeslacht. Om nog maar niet te spreken over wat de inwoners van Haarlem daarna te verduren kregen. En dan, in 1573 bij Alkmaar, dáár begon de victorie.

Dus dat Briellenaren zich ‘de Eersteling der Vrijheid’ gingen noemen, daar kwam wel een flinke portie fantasie en dichterlijke vrijheid aan te pas. Dat geeft niks, het staat nu in de wapenspreuk en daar krijg je het zomaar niet meer uit. Moet je ook niet willen, want wat is er nu tegen smeuïge verhalen? Helemaal niks! Ze bieden stof voor allerlei moois. Bijvoorbeeld uitbundige feesten met verkleedpartijen waarbij zelfs B&W gesignaleerd worden in outfits waarmee je in de meest zuidelijke carnavalsoptocht in de prijzen zou vallen.

Maar als we onze geschiedenisboekjes nog eens goed doorlezen en dan nóg durven beweren dat bij de Noordpoort de geboorte van onze natie begon, dan gaan we wel héél erg ver. Die ‘heilige grond’ die daar zou liggen, kunnen we beter met een korreltje zout nemen. Wat dan? Moeten we er dan niks mee doen? Natuurlijk wel! Er moet gewoon een fantastisch monument neergezet worden. Maar dan liefst zonder valse sentimenten en opgeklopte dramatiek.

Laten we het gewoon gezellig houden. Het maakt echt niet zoveel uit of het geval hoog of laag, van staal of van hout, doorzichtig of compact, vierkant of bolvormig wordt. Niemand weet immers hoe het origineel eruit zag. Dus alles kan. Het gaat om het verhaal wat we er bij vertellen. Zo fantasierijk als we maar kunnen. Dat geven we dan door aan ons nageslacht. Met een minibouwpakketje van het monument voor alle Voornse schoolkinderen.

Dus géén tweede tachtigjarige oorlog. Kom uit de loopgraven en verzin iets positiefs. Rook met elkaar de vredespijp op die zogenaamd heilige grond. En voeg iets toe aan de Brielse wapenspreuk:

Make love, no war!

Uit de krant