Corrie de Winter en Robert van Herk hopen jongeren met dit lespakket aan te spreken door de mix met straattaal. Foto: Janneke van der Ende.
Corrie de Winter en Robert van Herk hopen jongeren met dit lespakket aan te spreken door de mix met straattaal. Foto: Janneke van der Ende.

Eilanddialect in de spotlight bij lessen ‘Straattaal vs Streektaal’

Actueel 379 keer gelezen

Voorne-Putten - Dorebijeschitter, vrommes of urkedurker; het nieuwe taallespakket ‘Straattaal vs Streektaal’ wordt vandaag, 26 november, gelanceerd tijdens een aantal proeflessen op het Zadkine in Spijkenisse. De lessen moeten studenten bewust maken van taal en dialecten. Robert van Herk van Streekarchief Voorne-Putten en dialectspreker Corrie de Winter uit Brielle willen de lessen vervolgens verspreiden bij scholen over het hele eiland.

Het Streekarchief Voorne-Putten lanceerde begin dit jaar al de website eilanddialect.nl om de dialecten op Voorne-Putten onder de aandacht te brengen, een initiatief van Spijkenisser Arjen Tevel. Educatief medewerker Robert van Herk vond dat het eilanddialect potentie had voor een lesprogramma, maar hij had wel behoefte aan nieuwe materialen. “De filmpjes op eilanddialect.nl zijn absoluut leuk, maar in een les onbruikbaar”, vertelt hij. “Ze zijn authentiek, maar niet ‘to the point’. Ik weet hoe ongeduldig studenten en leerlingen zijn. Toen dacht ik: we moeten echt iets gaan creëren.” 

Robert schakelde de hulp in van Corrie de Winter. Zij heeft een achtergrond in pedagogiek, een liefde voor taal en spreekt nog ‘Spikkenis’; het dialect van Spijkenisse. Dit dialect werd eigenlijk op heel Voorne-Putten gesproken, met enige klank- en nuanceverschillen. Het Streekarchief hoopt jongeren met dit lespakket aan te spreken door de mix met straattaal. “Straattaal is iets dat alle jongeren natuurlijk wel interessant vinden, of juist afschuwelijk”, glimlacht Robert. “Maar het is in ieder geval iets dat ze bezig houdt en er zijn veel overeenkomsten met streektaal.”

‘Wisten jullie dat?’
Hoe zit zo’n taalles dan in elkaar? “Het begint uiteraard met een kennismaking met het ‘Spikkenis’”, vertelt Robert. “We halen voorkennis op; spreken de kinderen al straattaal en welke woorden kennen zij al? Dan komen de vragen: ‘wisten jullie dat straattaal ook een soort dialect is voor jongeren en dat hier op het eiland een eigen dialect wordt gesproken dat bijna uitgestorven is?’”
Studenten krijgen vervolgens een video te zien waarin Corrie geïnterviewd wordt en ze ‘Spikkenis’ spreekt. Ook Marijn, kenner van straattaal, wordt geïnterviewd. Na de video volgt een AB-quiz in de klas. “Zo wordt het lekker interactief”, vervolgt Robert. “Dan gaan we met zijn allen analyseren: wat zijn de overeenkomsten en de verschillen tussen de dialecten? Uiteindelijk gaan ze zelf aan de slag en mogen ze een gedicht of rap maken in straat- en streektaal, het liefst een mix. Ze mogen dit in alle vormen maken, dus dat mag ook een TikTok-filmpje worden bijvoorbeeld.”

‘Oh, jij komt van het boerenland’
Jongeren taalbewust maken, is één van de dingen die Robert en Corrie willen bereiken met de taallessen. “Als je in dialect praat, denken ze dat je iets niet snapt”, zegt Corrie. Zij heeft dat zelf, als jongere, ervaren. “Ik heb in Rotterdam gestudeerd en als ik daar dan kwam, sprak ik “anders”. Met de meisjes waarmee ik vanuit Spijkenisse naar school fietste, sprak ik onderling namelijk in dialect. Dan was het altijd: ‘oh, jullie komen van het boerenland’ en dan werd er op je neergekeken.”

Robert valt haar bij: “En bij straattaal is dat niet anders. Terwijl het niets zegt over je intelligentie, heeft het wel een bepaalde uitstraling en dus is het goed om je daarvan bewust te zijn.” Het belangrijkste van de taallessen is de bewustwording van dit dialect, volgens Robert en Corrie. Robert: “Het einddoel is uiteindelijk dat jongeren beseffen dat er voor elke taal een tijd en een plek is en dat taal veranderlijk is.”

Gegarandeerd aanvullingen
Robert hoopt tijdens de lessen op verwondering van de studenten. “En dat ze vooral plezier halen uit het spelen met taal. Ik kan het nooit 100 procent voorspellen, maar ik weet wel zeker dat ze dit leuker vinden dan een gemiddelde taalles, omdat dit anders is. En als je iets leuks vindt, onthoud je het”, zegt Robert. Corrie vult aan: “Dit spreekt hen aan. Want, ze hebben gegarandeerd veel meer aanvullingen op de straattaal die in deze lessen wordt gebruikt. Ik hoop dat de lessen hierdoor ook een beetje gaan leven.”

Na de proefles in Spijkenisse wil Robert kijken naar de mogelijkheid om het lespakket ook op andere scholen in Voorne-Putten aan te bieden. “We beginnen wel in Spijkenisse, maar dit is een verhaal van het hele eiland.”

‘Uitsterven’ doet het niet
Het nieuwe lespakket heeft, volgens de makers, zeker niet het doel te voorkomen dat het eilanddialect uitsterft. Robert: “Die ambitie hebben wij niet en dat gaan wij niet voorkomen, dat is duidelijk.” Corrie: “Ik vind ook niet dat het echt uitsterft, omdat het dialect hierdoor juist bewaard blijft. Zolang we dat maar doen en er niet op neerkijken.” Robert vervolgt: “Het zou zonde zijn als het vergeten wordt.”

Corrie: “Ik vind het heel belangrijk dat het blijft, omdat ik vind dat dialect je leven verrijkt als je ziet hoe je overgrootouders zich gered hebben en hoe creatief die waren wat taal betreft. Ik vind het ook leuk om mij af en toe, qua taal, nog eens om te kleden naar vroeger. Dat doe je in Brielle op 1 april ook. En dan moet je eigenlijk die taal van toen spreken. Nou, dat is lastig hoor.”

Meer weten over het eilanddialect? Kijk op www.eilanddialect.nl.

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant