Afbeelding
Dagboeknotities

Asociaal

do 27 aug 2020, 07:00 Algemeen

Er zijn veel soorten asociaal gedrag. Met een slok op achter het stuur kruipen. Doorrijden na een ongeluk. Iemands fiets stelen. Spullen van je baas achterover drukken. Je hond midden op het trottoir laten poepen. Een grote auto zo parkeren dat hij het voetpad blokkeert. Kauwgom uitspugen op de openbare weg. Plastic afval buiten zetten nádat de ophaaldienst geweest is en vervolgens weken laten staan. Aardewerk in de glasbak gooien. Een medewerker een grote bek geven terwijl er klanten bijstaan. Idem terwijl er patiënten bij staan. Mooie vrouwen nafluiten. Lelijke vrouwen uitlachen. Je niet aan Coronamaatregelen houden omdat je jezelf onkwetsbaar waant.

Je zadelt anderen onnodig op met ellende, overlast of ongemak. Zonder twijfel asociaal, daar is iedereen het wel over eens. Maar er rukt een nieuwe vorm van asociaal gedrag op, die steeds meer mensen begint te hinderen en waarvan de ‘dader’ zich waarschijnlijk niet bewust is. Deze week nog.

De schroeiende hitte was eindelijk verdwenen en ik zat lekker in de tuin te werken, onder de boom, achter de laptop. Plotseling een oerkreet van een buurman: Johan!!! Huh? Ik heet geen Johan. Hij bleek het dan ook niet tegen mij te hebben. Hij was óók in z’n tuin aan het werk en ging telefoneren.

Johan!!! Hoe gaat ie? Even over die zending! Ja, best joh. Nee, goed. Maar die zending dus! Dat gaat goed komen. Zeker! Zeker!! Zéker!!! We gaan namelijk… O. Als jullie dat vinden. Toch denk ik… Ja… Nee… Echt niet! Helemáál niet!! Je moet het ook van onze kant zien. Nee. Inderdaad. Hè? Tja. Ik begrijp het. Loopt even wat stroever. Johan, luister nou. We gaan dit oplossen. Geen probleem. Weet je wat? Ik bel meteen Van Bennekom. Ja, die. Daarom! Dáárom!! Dat zeg ik ook altijd!!! Ik ga hem contacten. Dan communiceer ik het nog naar jou toe. Oké! Okéé!! Okééé!!! Láter!

Ik staar naar het scherm van mijn laptop. Waar was ik ook alweer mee bezig? Met mijn eigen zaken dus. Daar ben ik ruw uit los gesleurd. In gedachten ben ik nu bij Johan. Wat is er mis gegaan? Waar werkte buurman ook alweer? Geen idee. Ineens krijg ik een ingeving. Het zal toch niet om cocaïne gaan? Daar hoor je de laatste tijd zoveel over. Maar nee. Nee! Die keurige buurman. Niks voor hem. Onmogelijk. Hoewel? Je hoort de gekste dingen.

Alweer een kreet uit de buurtuin. Willem! Hoi! Hoe is tie? Best. Prima. Moet je luisteren…

Help. Dat zal Van Bennekom zijn. Wil ik dit weten? Moet ik dit aanhoren? Nee. Het gaat me niet aan. Ophouden met fantaseren nu. Ik moet doorwerken. Maar zo gaat dat niet. Buurman schreeuwt op megafoonsterkte. Waarom? Hij heeft toch een telefoon? Onmogelijk om me in dit kabaal te concentreren. Naar binnen dan maar. De ramen staan open, het is nog warm. Ook binnenshuis hoor ik buurmans gebulder. Hij gaat op in zijn eigen verhaal en is vergeten dat er andere mensen om hem heen wonen.

Uit de krant