Afbeelding
Dagboeknotities

Drukte

Algemeen 70 keer gelezen

Het gaat druk worden op ons eiland. Er moeten veel huizen bij gebouwd worden om het tekort aan woningen op te lossen. Er komen extra campings en hotels, want we willen toeristen trekken. En over een paar jaar is de Maasdeltatunnel af, waardoor onze regio beter bereikbaar wordt. Randstedelingen die de stad willen ontvluchten zullen onze kant opkomen.

Zijn we daar blij mee? Enerzijds wel, anderzijds niet. De woningcrisis moeten we oplossen, dat is duidelijk. Een fijne, betaalbare woning vinden is nu voor velen onmogelijk. Maar waar moeten al die nieuwe huizen gebouwd worden? In het buitengebied? Dat willen we liever groen houden. In de woonkernen? Is daar voldoende ruimte voor de ambitieuze plannen?

Dan het toerisme. Wat dat betreft willen we van twee walletjes eten. We gaan campings en hotels bouwen en parkeerterreinen vergroten. Daarbij is Renesse het droom- of het schrikbeeld, al naar gelang je positie. Kassatechnisch is het een droombeeld. Want reken maar dat een toeristenstroom ons geld in het laatje gaat brengen. Fijn voor ondernemers. Maar voor de ‘gewone’ Voornaar is het een nachtmerrie. Die is gesteld op zijn rust.

Om ons gerust te stellen worden de toerismeplannen altijd gepresenteerd met een standaard afsluitend zinnetje: ‘maar het moet hier geen tweede Renesse worden.’ Denken plannenmakers echt dat het alsmaar herhalen van deze mantra effect zal hebben? Als je veel accommodaties voor toeristen bijbouwt, dan wórdt het hier als Renesse. Als het dan zover is, komt het nogal onnozel over om je af te vragen wat er precies is misgegaan. Kom ons dan niet vertellen dat dit niet de bedoeling was. Het is geen onafwendbare natuurramp. Er worden nú plannen voor gemaakt en we zitten erbij en kijken ernaar.

En de nieuwe tunnel? Die lijkt een zegen voor wie iedere dag in de file staat. Eindelijk meer perspectief voor de bereikbaarheid van onze regio. Maar gaat de tunnel de files werkelijk oplossen of zal deze voorziening juist meer verkeer aantrekken? Deskundigen op het gebied van verkeer en demografie zijn het er nog niet over eens.

Tot slot die ene kwestie die bij deze problematiek altijd achteraan bungelt: de ziekenhuiscapaciteit. Zo nu en dan staat er nog een actievoerder op die aan de bel trekt. Op heel dat alsmaar drukker wordende Voorne-Putten is geen volwaardig ziekenhuis te vinden. Woon je in Brielle of Westvoorne, dan moet je zelfs voor een bezoek aan de huisarts buiten kantoortijd afreizen naar het meest oostelijke puntje van het eiland.

Het is treurig dat deze kwestie niet allang in de plannen is meegenomen. Dat we moeten hopen op de vasthoudendheid van een enkele actievoerder. Op de inzet van onze gemeentebesturen. Op het gezag van Aboutaleb. Dat de voorzitter van de veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond steeds moet herhalen dat hij zich ernstig zorgen maakt en dat het zo niet langer kan. 

Wat als er een ramp gebeurt? Een (nieuw) virus, een natuurramp, een groot ongeluk in de chemische industrie? We zijn gewaarschuwd.

Uit de krant